Ik kies ieder jaar voor een sportieve uitdaging. Iets buiten mijn comfortzone om te groeien als mens en in persoonlijkheid. Dit jaar las ik het boek van Ross Edgley, een man die rondom het Britse continent heeft gezwommen. Hij zegt in dit boek dat de marathon een van de zwaarste sportevenementen is, dit omdat het lang duurt en omdat je mentaal echt getest gaat worden. Je komt namelijk een keer de man met de hamer tegen. Daarnaast vergt een marathon lopen doorzettingsvermogen, omdat je moet doorlopen wanneer je zin al weg is en je benen heel veel pijn doen.

Toen ik dit had gelezen dacht ik nu ga ik de uitdaging aan. Ik ga de marathon van Amsterdam lopen. Ik ben niet echt een groot loopwonder, ik heb een zware loop, ben nooit een goede loper geweest en was op de lagere school vaak het langzaamste jongetje van de klas. Ondanks al deze nadelen ben ik er toch voor gegaan. Ik ging trainen op mijn manier. Ik ben namelijk geen hardloper, ik doe WOD Groepstraining. Ik heb niet dezelfde bouw en loop niet zo gemakkelijk als dat de typische marathonloper loopt. Daarom heb ik gekeken naar wat er bij mij zou passen. Ik ben vooral op interval gaan hardlopen, dit omdat ik dat leuker vind, waardoor ik de trainingen gemakkelijker volhoud. Het eerst vereiste om trainen vol te houden is om iets te doen wat je leuk vindt. Nu vind ik hardlopen wel oké, maar het is niet mijn favoriete bezigheid, maar soms moet je dingen doen die je niet leuk vindt om je doel te bereiken. En als je die dan toch moet doen, kan je er maar beter het beste van maken en je focussen op de dingen die je wel leuk vindt. Daarom liep ik graag rondes door de natuur, plekken waar weinig auto’s rijden. Daar kan ik van genieten.

Na een voorbereiding van ongeveer 5 maanden, waarin ik 2 keer per week aan hardlopen deed en 5 keer WOD Groepstraining was het zover. De marathon van Amsterdam stond op het programma. Toen ik in de ochtend wakker werd was ik nog niet echt zenuwachtig, maar had er vooral heel veel zin in. Ik wilde vooral weten waar mijn trainingen mij gebracht hadden.

Het vertrouwen hebben in je trainingen en dat ze je het resultaat brengen wat je wilt. Is iets wat ik de laatste jaren wel geleerd hebt. Volharden en doorzetten, ondanks dat het niet altijd leuk is en soms de resultaten een beetje achterblijven of niet snel genoeg gaan. Veel mensen denken, het gaat niet snel genoeg of het werkt niet, dus ik ga wat anders doen. Totdat dat ook weer niet snel genoeg gaat en ze weer een ander programma volgen. Het trainingsschema werkt, wanneer jij erop vertrouwt en het consistent volhoudt, hier en daar wat dingen bijschaven is niet erg. Maar geen dingen overslaan, sneller of anders doen. 

Het was zover, we gingen het stadion in en het avontuur ging beginnen. Ik heb in mijn trainingen 1 keer 30 kilometer gelopen en voor de rest niet verder dan 17 km. Maar ik had er toch alle vertrouwen in dat ik het ging halen, binnen de 4 en een half uur die ik me gesteld had. Ik nam mezelf voor om niet te snel te beginnen en een continu tempo vast te houden. Bij een marathon weet je dat je zware momenten in de race gaat meemaken, een goede test voor je mindset.

Het eerst gedeelte van de marathon was erg gemakkelijk. Je loopt door de binnenstad van Amsterdam en er was al aardig wat publiek op de been, dus je wordt vooruit geschreeuwd. Voor ik het wist was ik al bij kilometer 14, op een derde van de race. Ik voelde me op dat moment zeer helder en goed. We gingen richting Oudekerk aan de Amstel, langs de Bosbaan. Hier kwam het 21,1 kilometer punt aan. De helft van de marathon. Ik weet nog dat ik op mijn horloge keek om te zien wat mijn tijd was 2:10. Ik lag op schema, maar het zwaarste gedeelte van de race lag nog voor me.

Het was op 27 kilometer op de weg dat ik mijn kuit begon te voelen, hij begon licht te verkrampen. Ik dacht nog, ik hoop maar dat het niet erger wordt. Het wordt in ieder geval een hele uitdaging. Toen deze gedachte door mijn hoofd speelde, wist ik dat ik mijn mindset moest shiften. Van de pijn in mijn kuit naar iets anders, iets positief. Iedereen heeft last en pijn, dus dat is niet nieuws. Hoe jij je laat leiden door de gedachtes die daarbij komen kijken is jouw eigen keuze. Ik dacht, we zitten op 15 kilometer van het einde, dit betekent nog 4 waterposten. Ik loop gewoon van water post naar water post. Ik hoef er nog maar 4. Dan kan ik aftellen. Vervolgens bedacht ik me: Dat ik dankbaar mocht zijn dat ik een marathon kon lopen en dat ik aan sport mag doen. Denk eens aan al die mensen die het niet kunnen, maar wel graag willen. Ik ben echt bevoorrecht, dat ik dit kan. Ik nam mij voor:  “wat er ook gebeurt, we speken nu af, je blijft lopen tot de finish.”

Hoe erg de dingen ook lijken, opgeven is altijd de gemakkelijke keuze. Tijdens het Kamp Phoenix waar ik aan deelgenomen heb, heb ik geleerd dat wanneer jij wilt opgeven, dat je lichaam pas op 40% van zijn kunnen zit. Het is slechts een beschermingsreactie. Alle pijn en omstandigheden zijn tijdelijk, ze gaan ook weer voorbij. Het feit dat de dingen die je wilt niet gemakkelijk te behalen zijn en dat het pijn en moeite kost, is slechts een test. Een test om te zien of je iets graag wilt en wat jij ervoor over hebt om je doel te bereiken. Hier worden de doorzetters gefilterd van de opgevers. 

Op 35 kilometer, moet je een tunnel in en daarna weer omhooglopen. Als je dan weet dat je pas op 40% van je kunnen zit wanneer je wilt opgeven, komt dat goed van pas. Je ziet vele mensen om je heel lopen en het stemmetje in je hoofd zegt, je kan ook gaan lopen je bent namelijk moe. Maar weer shiftte ik mijn mindset naar het positievere: Nee we zetten stapje voor stapje. Het maakt niet uit hoe snel het gaat maar je blijft lopen. Iedere stap die ik zet brengt mij eerder deze helling over.

Wanneer je deze hindernis voorbij bent loop je de stad in een krijg je een gevoel van euforie. Ik zag het bordt 37 kilometer en dacht, ik ben aan het laatste half uur begonnen. Opgeven is nu zonde. Daarnaast staat er zoveel publiek dat je door het geluid wordt gedragen. Doordat je naam op je nummer staat word je door iedereen aangemoedigd. Op deze momenten moet je alleen nog even je hoofd erbij houden. Je bent er immers nog niet en wanneer je denk dat je er al bent, ga je fouten maken omdat de concentratie even minder is. Dus wel genieten van het geschreeuw maar evengoed de focus houden en geen misstap maken.

De laatste kilometer, dacht ik wat een gave dag was het vandaag. Ik ga het gewoon halen en dat is al die trainingen en uren afzien waard. Het was een unieke ervaringen die ik niet had willen missen. Nog even doorlopen en dan kan ik mij bij mijn broer René voegen, die al bijna een half uur binnen is. Daar was dan de finish, in het olympisch stadion, iemand die geen talentvol loper is, geen hardloper maar WOD Groepstrainingter. Maar toch is het gelukt. Jij kan dit ook net als ik, als je maar bereid bent om de benodigde arbeid te leveren en discipline te tonen. De dingen doen die je moet doen, ondanks alle excuses die je kunt verzinnen. De dingen te laten die je moet laten. De juiste manier van eten, de juiste vormen van trainen en positief en gefocust blijven. Deze dingen hebben mijn geholpen bij dit sportdoel.

Natuurlijk ging niet alles zoals ik wilde en had ik af en toe geen zin, maar dan deed ik wat nodig was ondanks dat. Een doel behalen is niet makkelijk, je moet dingen laten, discipline tonen en je moet soms dingen laten. Niet luisteren naar alle excuses die je verzint om dingen niet te doen. Je moet gewoon doen wat nodig is, ook al is dat niet altijd leuk of comfortabel. Dat is waar je van leert en groeit als persoon. Wanneer je al het werk hebt gedaan en op de finish met je medaille staat is het, het allemaal waard geweest.

Wil jij ook graag een doorzetter worden? geef je dan hier op voor een proefles

Boek je gratis proefles